“Tenerife” – Vlucht KL4805

Het geldt nog altijd als de grootste vliegramp in de luchtvaartgeschiedenis, de crash op 27 maart 1977 van twee Boeings 747 op Tenerife waarbij 583 mensen om het leven kwamen. Over de botsing van de twee vliegtuigen is niet alleen veel geschreven, ook zijn er tal van documentaires aan gewijd. Binnen het kader van rouwverwerking kan ik het begrijpen dat KLM-gezagvoerder Jaap Veldhuyzen van Zanten door menig nabestaande voor een kwaadaardige zondebok is gehouden. Dat dit beeld eveneens door documentairemakers is neergezet heeft me echter altijd verbaasd.
Zeker, Veldhuyzen van Zanten vertrok zonder toestemming. Maar dit was wel de laatste schakel in een serie missers die hem niet is aan te rekenen. Geen van die missers was op zich fataal, ware het niet dat een dikke mistdeken ze toedekte en verborg.
Over Veldhuyzen van Zanten mag best gezegd worden dat hij miljoenen passagiers veilig heeft vervoerd totdat hij de vergissing van zijn leven maakte, die ook hem het leven kostte.
Heel anders dan Germanwings-copiloot Andreas Lubitz, die doelbewust aanstuurde op het laten crashen van de Airbus A320, wilde Veldhuyzen van Zanten graag gezond en wel weer terugkeren naar zijn thuisfront.
Is er nog de omstandigheid dat hij geen gehoor gaf aan de opmerkingen van zowel de co als de BWK. Los van het feit dat op basis hiervan binnen de luchtvaartwereld de hiërarchische verhoudingen zijn veranderd en wederzijdse instemming als uitgangspunt geldt bij de besluitvorming in geval van twijfel (crew resource management), is er ook nog die menselijke factor die ten grondslag ligt aan irrationeel gedrag. Wie daarover meer wil weten raad ik aan ‘Onderstroom’ (auteurs Ori en Rom Brafman) eens te lezen. Het boekje leest als een thriller en legt, mede aan de hand van ‘Tenerife’, heel goed uit hoe mensen in de ban van verliesaversie, attributie en vooringenomen diagnose, fatale beslissingen nemen. Ieder mens wordt vroeg of laat wel eens gedreven door die psychologische onderstroom, zij het dat dit doorgaans vooral de persoon zelf treft en/of diens kleine kring. Het beroep van verkeersvlieger is niet voor niets een goed betaalde baan: het vervoer van zoveel passagiers neemt een gigantisch grote verantwoordelijkheid met zich mee.
Roger Soupart blijkt wat betreft de beeldvorming over Jaap Veldhuyzen van Zanten op een soortgelijke golflengte te zitten als ik. Exact veertig jaar na de ramp presenteerde hij het door hem geschreven boekje ‘We gaan!’ met de ondertitel ‘Vlucht KL4805, noodlot in de mist’. Op een door de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Luchtvaart (KNVvL) verzorgde avond in het gebouw van Fokker Service B.V., Hoofddorp, hield Soupart een lezing waarin, evenals in zijn publicatie, een aantal bekende en ook minder of zelfs onbekende facetten de revue passeren. In beide gevallen bovendien uitgebreid aandacht voor zowel de opkomst van de 747 als de geschiedenis van vliegveld Los Rodeos.
In het begin van haar carrière kende de succesvolle jumbo een aantal problemen van technische aard. Als gevolg van de toen heersende oliecrisis bleek het toestel voor menig luchtvaartmaatschappij een oneconomische investering, maar je moest er toch echt minimaal eentje in de vloot hebben voor het aanzien. Voor vliegtuigkapers werd de 747 eind zestiger en begin zeventiger jaren ook nog eens een geliefde prooi. Op 25 november 1973 trof de eerste KLM-jumbo dit lot. Aan ‘Tenerife’ gingen vier fatale 747-crashes vooraf.
Los Rodeos zelf had al vaker met crashes te maken gehad en daarom was dit vliegveld reeds lang voor 27 maart 1977 berucht. Het aantal militaire kisten dat er al was verongelukt is onbekend, maar zeker is dat er tussen 1956 en 1977 reeds acht ongelukken met civiele machines hadden plaatsvonden. Het verhaal gaat dat er een kaart is waarop een kruis getekend staat om aan te geven waar zeker geen vliegveld moet worden aangelegd. Uitgerekend daar is Los Rodeos gesitueerd.
In de zeventiger jaren stond de luchthaven, mede door de komst van de widebodies, bekend als een waar spottersparadijs. Soupart kwam er dikwijls en daarom weet hij dat het bezoek van 747’s op deze locatie helemaal geen unicum was, zoals maar al te dikwijls wordt beweerd. Soupart heeft er veel contacten. Hij weet dan ook uit eerste hand dat er op de dag van de crash in plaats van tientallen vliegtuigen slechts enkele stonden.
KLM maakte in die dagen reclame met een advertentie waarin Jaap Veldhuyzen van Zanten het gezicht is van de blauwe maatschappij, met daarbij de tekst ‘From the people who made punctualtiy possible’. De advertentie is terug te vinden in ‘We gaan!’ In zijn lezing besteedde Soupart er ook aandacht aan. ‘Achteraf was die foto slechte PR’, aldus Soupart. ‘De captain werd als een filmster voorgesteld, als Mister KLM. Na de crash werd er van alles van gemaakt: een playboy, een bullebak, een psychopaat.’
Voor Soupart is het verbijsterend dat er nooit enige aandacht is besteed aan het getier in de cockpit van de PanAm-747 – het was er carnaval aldus een onderzoeker – terwijl er wel uitgebreid is ingegaan op de sfeer in de KLM-cockpit.
Aanvankelijk werd de PanAm-crew als hoofdschuldige gezien omdat zij een andere afslag had genomen dan de verkeersleiding had opgedragen. Het bevreemdt Soupart dat de verkeersleiding de eerste drie dagen na de crash erover zweeg dat Veldhuyzen van Zanten zonder toestemming was opgestegen.
Zowel in zijn lezing als in zijn publicatie maakt Soupart duidelijk dat er nog veel vraagtekens zijn. Hierbij blijkt overduidelijk dat hij op zoek is naar nuance in een reeks van gebeurtenissen die uiteindelijk leidden tot de grootste luchtvaartramp ooit. Daarbij beschikt hij over een enorme hoeveelheid interessant beeldmateriaal. De presentatie daarvan liet helaas te wensen over omdat het geheel niet is verwerkt tot een PowerPoint-voorstelling. Maar dat was dan ook het enige minpuntje op een avond waarop ‘Tenerife’ op een integere wijze werd herdacht.

Foto: archief Roger Soupart & Ketty Nielsen