KL747

Aanvankelijk stond het maandag te gebeuren. Toen werd het woensdag. En vervolgens donderdag.
Van uitstel komt nog geen geen afstel: terwijl de elfde dreamliner een warm welkom wacht in de blauwe vloot, moet de negende jumbo het veld ruimen. Dit keer betreft het de PH-BFF met de naam Freetown. Een enkeling maakt daar Freedom van, wat vrij dom is natuurlijk. Voor haar fans gaat deze Boeing 747 echter door voor de Best Friend Forever.
In het westen van Nederland breekt de zon voorzichtig door, in het oosten blijft de bewolking hardnekkig hangen. Had vliegveld Twente over ILS beschikt, een radionavigatiesysteem waarmee een precisienadering kan worden uitgevoerd, dan zou die laaghangende wolkendeken geen enkel probleem opleveren. Nu hebben de vliegers helder zicht nodig om het vliegtuig netjes op de baan te kunnen zetten. Gevolg: het om 11:30 uur geplande vertrek van de 747 naar haar final destination gaat niet door.
Het wordt wachten, heel lang wachten.
Terwijl elk half uur telefoonverkeer plaatsvindt tussen de cockpitcrew en de mensen van AELS, ga ik samen met mijn cameraploeg de Airbus A340, registratie F-GLZI, maar eens bekijken die een week eerder door Air France naar het Nederlandse ontmantelingsbedrijf was gevlogen. Haar motorkappen staan open, als schilden van torretjes. Haar motoren worden geborescoopt, wat neerkomt op een visuele inspectie zonder dat er tijdrovende ontmantelingswerkzaamheden hoeven te worden uitgevoerd om de staat ervan te kunnen beoordelen. We krijgen de gelegenheid een kijkje te nemen in het vliegtuig zelf waar het de-assembleren al stevig in gang is gezet.
De PH-BFR die hier begin december arriveerde, staat samen met een andere voormalige Air France A340, registratie F-GLZR, op platform A geparkeerd. Zij krijgen voorlopig even rust. Op de spottersheuvel heeft zich een grote schare luchtvaartfans verzameld.
In hangar 8 melden speciaal genodigde gasten zich, veelal gepensioneerden die voorheen bij KLM werkten en direct betrokken waren bij de introductie van de BFF in de vloot van hun werkgever.
‘Ik zie hier onderdelen die ik destijds in de fabriek heb zien staan’, zegt een van hen, lopend langs de immense voorraadrekken. ‘Toen was het nog de bedoeling om er een vliegtuig van te maken.’
‘Ik heb zoveel 747 gevlogen’, reageert zijn gesprekspartner. ‘Desondanks kom ik hier dingen tegen waarvan ik geen idee heb waarvoor ze ooit dienden.’
‘Het waren toch mooie tijden met al die bestemmingen waarop we vlogen’, merkt een volgende dankbaar op.
De mannen voegen zich bij de rest van het gezelschap. De herinneringen gaan over tafel, er wordt gelachen, belegde broodjes en sneetjes Twentse krentenwegge vinden onder het genot van een bekertje koffie gretig aftrek. Het verzacht het wachten dat almaar met een half uur wordt verlengd.
Een van de mensen van AELS loopt op het gezelschap af. Het is directeur Derk-Jan van Heerden. Tijdens zijn opleiding lucht- en ruimtevaarttechniek legde hij zich toe op duurzaamheid, zij het niet zoals zijn studiegenoten op het gebied van CO2 of geluidsemissie. Hij beoogde een groene oplossing in plaats van een enkeltje woestijn voor vliegtuigen die stoppen met vliegen. Daarbij voorzag hij een verandering in de praktijk van westerse luchtvaartmaatschappijen om afgedankte toestellen door te verkopen aan Afrikaanse en Zuid-Amerikaanse landen. Het vliegende bestaan van deze machines ging daar nog jaren door. Van Heerden zag zakelijke mogelijkheden voor een gespecialiseerd bedrijf in vliegtuigrecycling.
Nu nodigt hij het wachtende publiek uit voor een rondleiding in zijn vorig jaar geopende bedrijf op vliegveld Twente. Voorheen zat hij op Woensdrecht, hier kan hij grotere toestellen ontvangen dan de Boeing 737 en de Airbus A320.
Enthousiast lopen de gasten met hem mee naar buiten, in een kring verzamelen ze zich om hem heen. In het kort vertelt hij iets over de voormalige militaire bestemming van de luchthaven. Naar de enige overgebleven start- en landingsbaan wijzend zegt hij dat die bijna drie kilometer lang is en 45 meter breed.
Alras verspreidt het gezelschap zich in kleine groepjes rond de Airbus A340. Regelmatig kijken mensen op hun smartphones om te zien of er al enige beweging van de BFF te zien is op Flightradar. Het blijft niet onopgemerkt dat het op de spottersheuvel leger en leger wordt.
Een van de mannen tuurt in de lucht. ‘Het zou nu toch moeten kunnen’, zegt hij.
‘Nee’, stelt een ander, ‘de bewolking zit op 1900 voet, dat moet 2000 zijn wil ATC toestemming geven.’ De man hupt van het ene been op het andere om zich enigszins op temperatuur te houden en wrijft zijn handen met dezelfde intentie.
Anderen zoeken de warmte van de hangar weer op. ‘Het startsein kan nu toch echt worden gegeven’, bromt een gast vanonder zijn snor.
‘Nee, er zijn twee business jets in aantocht, die hebben recht op hun slots.’
‘Het zal erom hangen, die toko hier sluit vijftien minuten na zonsondergang.’
De koffiekan gaat nog maar eens rond, de laatste broodjes worden opgesmikkeld. Wachten duurt altijd lang, maar nu stijgt de spanning.
‘Ja! De transponder staat aan!’, merkt de snorremans op.
Enige minuten later is op flightradar te zien dat er beweging komt in de BFF. Onder vluchtnummer KL747 kiest zij het luchtruim. Nu gaat het ineens allemaal snel.
Terwijl het donker valt komen de landingslichten van de gedoodverfde jumbo in beeld. Het hele toestel is goed zichtbaar als het eenmaal op downwind zit. De cabineverlichting brandt, alsof er een paar honderd passagiers aan boord zijn, zoals tijdens de ruim 17.000 vluchten die zij in net geen 28 jaar maakte. De luchtreus maakt twee bochten naar links, eerst naar base leg, dan naar final runway.
Kort na vijven, precies zeven minuten voordat Twente moet sluiten, zet ze haar wielen aan de grond. De geur van brandend rubber verspreidt zich over het veld.
Voor de flightcrew begint het wachten opnieuw in de pittig warme cockpit waarin zij de afgelopen zes uur heeft doorgebracht. De A340 moet eerst worden versleept voordat de jumbo op de plek kan komen te staan waar haar lot definitief bezegeld wordt. Reden? Haar rechtervleugel zou anders de rug van de Airbus openrijten. Dankzij de inzet van een pushback truck belanden de beide machines uiteindelijk keurig naast elkaar op de locatie waar ze het ten slotte zullen afleggen tegen de schrootschaar.
Grote kans dat de BFF nog eerder oog in oog komt te staan met dat gretig happende monster dan haar al stevig kaalgeplukte zusje BFR. Want waarom eerst alles van de BFF verwijderen, haar dan van plaats laten wisselen met de BFR, die nog wat verder leeghalen om vervolgens te laten verschroten, en dan de BFF weer terugslepen voor hetzelfde?
De flightcrew gaat van boord, het mooie leven is voorbij voor de Best Friend Forever.
‘Aan alles komt een eind’, verzucht een van de toeschouwers.
‘Van al dat aluminium kan je leuke dingen maken’, merkt de snorremans op. ‘Blauwe voorraadbussen, koektrommels, beschuitbussen…’
Best Friends Forever never die’, stelt een ander. ‘Voor de gewone ogen zijn ze onzichtbaar, maar nooit voor de ogen van het hart.’

In dienst: 28 februari 1990
Uit dienst: 25 januari 2018
140.214 vlieguren
17.210 landingen

Foto: Arnoud Raeven