Geen 1-aprilgrap

Paniek.
‘Dit meen je toch niet?!’ Hoofdschuddend kijkt de man naar het schermpje op zijn smartphone. ‘Ik krijg hier het berichtje door dat de MCS nu toch ineens vertrekt vanaf de Kaagbaan. Als we dat nog maar redden!’ Snel stapt hij in zijn Alfa Romeo. De man naast hem sprint naar zijn Audi.
‘Dat red ik niet meer’, zegt een man die naar de Polderbaan is komen fietsen. ‘Zo jammer. Als ik één vliegtuig een afscheidsgroet wil brengen, dan is het de PH-MCS’.
Het gaat om Martinair’s vijfde MD-11 die wordt uitgefaseerd.
‘Ik heb er een aantal keer in gevlogen’, zegt de fietser. Terwijl hij de bestemmingen begint op te sommen, biedt een Volkswagenrijder hem aan met hem mee te rijden.
De fietser maakt een hopeloos gebaar. ‘Aardig van je, maar ik durf mijn fiets hier niet achter te laten.’
Het wordt stevig planken richting Kaagbaan. Vervolgens snel parkeren en flink doorlopen richting Sierra-platform. Daar heeft zich reeds een ander groepje spotters verzameld. Allemaal zijn ze gewapend met spiegelreflexcamera’s en op de ene body prijkt nog een grotere telelens dan op de andere.
‘Ze staat er nog’, zegt de Audi-man. In zijn stem klinkt opluchting door.
‘Ze is leeg dus ze is zo los’, reageert de Alfa-man. ‘Het is toch eeuwig zonde dat we daar niet meer op dat heuveltje kunnen staan.’ Hij memoreert dat er bij het vertrek van de laatste MD-11 uit de KLM-vloot iemand vanaf was gegleden met een gebroken been als gevolg.
‘Dat was wel heel zuur’, zegt een vrouw die flyers uitdeelt. ‘Om het boek Aviation Legend te bestellen, over de rode MD-11’s. Wordt een mooi vervolg op de twee boeken over de blauwe MD-11’s. Mag niet in de verzameling ontbreken.’
De Audi-rijder werpt een blik op de folder. ‘Schiphol zal voor altijd anders zijn zonder de MD-11. En wanneer ook de laatste 747’s bij KLM zijn uitgefaseerd, zal je mij hier niet meer zien staan’, is hij vastbesloten.
‘Als ik nog terugdenk aan die oude Russische bakken! Wat maakten die een geweldige herrie en wat waren ze mooi!’, mengt een man in een blauw jack zich in het gesprek.
‘Die Ilyushin 62!’, zegt de flyervrouw.
‘Die leek knap veel op de VC-10. Net als de Tupolev 144 op de Concorde’, reageert de Volkswagen-man. ‘De Concordski en de VC-10-ski.’
Allerlei vliegtuigtypes die al in geen jaren meer op Schiphol zijn te zien, worden nu genoemd. ‘Ja, het houdt allemaal een keer op te bestaan, net als wij’, merkt een man op die eruit ziet als een bankdirecteur.
‘Moet je nou toch eens kijken’, zegt de man in het blauwe jack, wijzend naar een stel Triple Sevens op het Romeo-platform. ‘Allemaal van Oosterse maatschappijen die behendig in het gat springen dat het gevolg is van het om zeep helpen van Martinair.’
‘Hun vloot is compleet verouderd’, stelt de bankdirecteur. Hij werpt een snelle blik op de flyer die de vrouw hem overhandigt, vouwt hem dubbel en stopt hem weg in de zak van zijn colbert.
‘Oude vloot klopt’, reageert het blauwe jack. ‘Hoge onderhoudskosten dus. Een 748F en 777F zijn wel zuiniger, maar in lease of aanschafkosten vele malen duurder. De brandstofkosten zijn ook weer laag. Al met al ben je per tonvrachtkilometer met een Md11F goedkoper uit dan met een 74F of een 77F.’
‘FedEx en UPS doen veel langer met hun vliegtuigen’, zegt de Alfa-rijder. ‘Bij FedEx is zelfs de DC-10 nog een veel gebruikt werkpaard.’ Hij bekijkt de folder. ‘Kijk hier, de MCW nog, met de naam erop van Martin Schröder. Het moet allemaal toch een hard gelag zijn voor die man. Maar eh… dat boek ga ik wel bestellen.’
‘Er komt beweging in de MCS’, meldt de Volkswagen-bestuurder. Langzaam draait de machine richting Kaagbaan, maar taxiet dan langs het Bravo-platform, richting B-pier, alsof ze wat langer blijft dralen.
‘Het is lang geleden dat ze voor het laatst vloog’, merkt de Audi-man op.
‘Ja, eind maart 2015’, antwoordt de Alfa-man. Daarna aldoor stored gestaan. Geen idee waarom.’
‘Het moment van uitfasering zit vaak vast aan het tijdstip waarop een machine toe is aan een D-check. Wellicht liet de opkoper al die tijd op zich wachten?’, oppert het blauwe jack. ‘Wat een geharrewar trouwens over de precieze datum waarop ze naar Victorville zou worden gevlogen. 1 april is natuurlijk niet een datum die erg geloofwaardig overkomt, maar helaas moeten de MCS en wij eraan geloven dat het geen grap is dat het over enkele uren gedaan is met haar.’ De ogenschijnlijke bankdirecteur trekt zijn linkerwenkbrauw op. Het blauwe jack laat zich er niet door weerhouden. ‘Als de datum 3 april was geweest zou ze op de dag af 21 jaar Schiphol als haar thuishaven hebben gehad.’
Inmiddels is de MCS voorbij de C- en D-pier getaxied. Met een ferme zwaai komt ze de Kaag op, nu moet ze toch echt gaan. Camera’s worden in stelling gebracht. Het geluid van haar motoren zwelt aan. Daar gaat ze, harder en harder. Los komt ze, sneller dan al die andere keren dat ze opsteeg vanaf haar thuishaven. De enorme telelenzen van de spotters bewegen mee in de richting waarin de driemotorige jet het luchtruim kiest. Fraai tekent haar witte romp met de knalrode staartmotor zich af tegen het hemelsblauw.
‘Toen ze in onderhoud was en nog vele vluchten had te gaan, heb ik onder haar vleugels gelopen’, zegt de vrouw. ‘Misschien is ze daarom toch een beetje mijn favoriet.’
Kleiner en kleiner wordt het geliefde vliegtuig voor het oog terwijl ze een bocht maakt naar rechts. Uiteindelijk is ze nog zichtbaar als een heel klein stipje, totdat ook dat uit het zicht verdwijnt.