Echt het einde

De regen klettert tegen de ramen. Noest zwiepen de ruitenwissers heen en weer. Ik moet mezelf dwingen niet meer aandacht te hebben voor het luchtverkeer dan voor het autoverkeer op dit stuk van de A4. In mijn linkerooghoek zie ik de staarten opdoemen van bij de A-pier opgestelde vliegtuigen. Allemaal staarten die zonder de onderbreking van een staartmotor, overgaan in de romp.
Ik had het kunnen weten.
De MD-11 wordt niet meer ingezet voor passagiersvervoer.
Aan die realiteit ben ik nog niet echt gewend.
Op het aan de overzijde gelegen Julietplatform staan ook geen MD-11’s meer te wachten om later die dag aan te kunnen schuiven bij die pier. Zelfs op Schiphol Oost valt geen enkel type van dit toestel meer te spotten. Death row ben ik die plek gaan noemen waar sinds 2012 altijd wel één of meer uitgefaseerde elfjes het nakijken hadden op het drukke vliegverkeer.
Tussen de trits toestellen in de aanvliegroute, mis ik de drie lichtpuntjes die zo karakteristiek zijn voor de MD-11. Die drie lichtpuntjes van de als laatste afgeschreven PH-KCD Florence Nightingale, doemden nog één keer op in Seattle, waar het toestel een tussenlanding maakte voor douaneactiviteiten. Een eerbetoon wachtte haar in de vorm van een saluut met water en schuim. Ruitenwissers van ‘Floortje’ aan, bij de vliegers een lach en een traan.
Een dag later steeg de driemotorige jet op naar wat sommigen noemen haar laatste rustplaats. Bij die formulering denk ik eerder aan een bestemming als Aviodrome, waar in weer en wind onder andere de Boeing 747 PH-BUK Louis Bleriot langzaam staat te vergaan.
Op Flightradar 24, een app waarop alle vliegbewegingen zijn te zien, is bij bestemmingen als Mojave, Crestview, San Bernardino en Victorville, een vermelding zichtbaar die welgemikt recht doet aan de harde realiteit: part out and scrap.
Enkele uren na de landing gaan de motoren eraf. Daar is een term voor: het vliegtuig wordt dan koud gemaakt. Soms blijft de kist daarna nog tijden in die hoedanigheid staan, maar dikwijls is het anders. Alle bruikbare onderdelen gaan er alras af en uit, en vervolgens wordt de shovel erop losgelaten. ‘Dat is het laatste wat een vliegtuig ziet’, meldde een machinist van zo’n sloopmachine op zijn Facebookpagina.
Ik houd niet van shovels. Zeker niet als ze een toestel uiteenrijten met een grote historische waarde.
Alles van waarde is weerloos, schreef Lucebert.
Ik kan niet anders dan het beamen.
Lange tijd was iedere vliegbeweging die de PH-KCD maakte op Flightradar 24 te volgen, waarbij het er even op leek dat ze Mojave achter zich liet. Een nabijgelegen militair veld is er de oorzaak van dat de laatste minuten van een vlucht met die bestemming nooit goed in beeld komen. Floortje was dus geland in plaats van gevlogen.
Nog één keer rolde ze uit, haar zuster Audrey en nog een aantal andere afgedankte drie- en viermotorige jets passerend.
‘And off, daarmee is het echt het einde’, besloot vlieger Erwin Gabel, de startknoppen één voor één uitschakelend. ‘Motor 2 gaat af, 1 is af, en nu gaat 3.’ In de stilte die in het vliegtuig viel, reikten zijn collega Charley Valette en hij elkaar de hand, ‘MD-11’ zeggend. ‘Deze motoren draaien niet meer. Althans, niet meer onder deze machine’, luidde de conclusie.
‘Thanks for so many great and super trips MD-11’, schreef Charley op de neuswieldeur.
‘It was a honor to fly you all these years’, pende Erwin ernaast.
Op het internet berichtten de fans dat Floortje alsnog gered moet worden van de sloop.
Makkelijk gezegd.
Behalve dat nergens een plek is gevonden om een elfje neer te zetten, zijn er van de vele liefhebbers maar enkelen bereid gebleken geld te willen geven om er één te behouden.
Alles draait om geld.
Nederlanders zijn erom berucht de vinger stevig op de knip te houden. Je drijft ze zo uiteen door even met een collectebus te rammelen.
En dus ondergaat de PH-KCD exact hetzelfde lot als haar negen zusters.
De meest goedkope reactie op de foto’s die van haar ontmanteling op Facebook verschijnen, zal niet uitblijven: series jankende en kotsende smileys.
Misschien, heel misschien doen Floortje en Audrey bij de sloperij tijdens een harde storm nog een keer net als destijds die afgedankte en inmiddels vermaarde Boeing 747 van Southern Air, een vergeefse poging om op te stijgen.
Schiphol, dat nooit meer hetzelfde zal zijn zonder die blauwe elfjes, ligt intussen vele kilometers achter me. Op de terugweg kan ik misschien een startende Boeing proberen in te halen, een Fokker of een Airbus, maar nooit meer een met passagiers gevulde MD-11.
Met een beetje geluk tref ik zo nu en dan nog een cargo-uitvoering van Martinair. Maar ook die wit met rode ‘Threeholers’ vliegen er de komende periode voor eeuwig uit.
Die gedachte schud ik nog even van me af. Moeizaam, dat wel.